Handleiding Interessevragenlijst Taken en Sectoren

Leeswijzer

Hoofdstuk 1. Inleiding
De ITS is gebaseerd op het RIASEC-­‐model van Holland, en heeft twee belangrijke aanvullingen. Ten eerste kent de ITS een zevende factor: ICT. Gezien ontwikkelingen in de arbeidsmarkt mocht deze factor niet ontbreken. Verschillende analyses tonen aan dat de ITS goed aansluit op het HM+ model. Ten tweede rapporteert de ITS op zowel taken als sectoren. Om zoveel mogelijk praktische invulling aan de ITS te geven, worden voor lager-­‐ en hogeropgeleiden andere voorbeeldberoepen aangedragen.

Hoofdstuk 2. Kwaliteit van het testmateriaal
De ITS kan worden afgenomen in het online testcentrum van Ixly, via https://www.ixly.nl/test-toolkit/testen/. Er worden duidelijke instructies aan de kandidaat gegeven over de duur, het meetdoel, en de wijze van invullen. De kandidaat kan op ieder moment de instructies inzien. Er wordt zorgvuldig met de gegevens omgegaan, volgens ISO 27001. Voor het maken van de ITS is zijn geen speciale vaardigheden of software vereist. Alle items zijn geformuleerd volgens de richtlijnen van Hofstee (1991).

Hoofdstuk 3. Handleiding voor de testgebruiker
De ITS kan in elke situatie ingezet worden waarbij het van belang is om meer te weten te komen over de interesses in taken en sectoren van een persoon, en is bedoeld voor eenieder die deel uitmaakt van de Nederlandse beroepsbevolking. De ITS bestaat uit interessegebieden, taken en sectoren. In dit hoofdstuk worden twee cases besproken waarin de ITS, naast een persoonlijkheids-­‐ en een drijfverenvragenlijst, worden ingezet om loopbaanadvies te geven.

Hoofdstuk 4. Normering
De interessegebieden kennen een normgerichte interpretatie. Deze zijn genormeerd voor adviessituaties, gebruikmakend van continue fitnormering. De interessegebieden worden gerapporteerd op stenscores, lopend van 1 tot 10, met een theoretisch gemiddelde van 5.5 en een standaarddeviatie van 2. In het hoofdstuk wordt de procedure van normering besproken en worden de standaardschattingsfout, betrouwbaarheidsintervallen en waarschijnlijkheidsintervallen weergegeven. In de bijlagen vindt u de normtabellen.

Hoofdstuk 5. Betrouwbaarheid
De gemiddelde betrouwbaarheid van de interessegebieden van de ITS is .88, en van de sectoren .83, en dus zeer hoog te noemen. Ook de hertestbetrouwbaarheid is hoog: alle interessegebieden en sectoren kennen een significante correlatie tussen twee meetmomenten.

Hoofdstuk 6. Begripsvaliditeit
De ITS laat een solide interne structuur zien. De item-­‐restcorrelaties zijn bijna allemaal hoog tot zeer hoog. Verder hebben alle 7 factoren een eigen bijdrage, en correleren dus niet te hoog met elkaar. Zowel de factoren als de sectoren laten te verwachten relaties met verschillende achtergrondvariabelen zien, die bovendien worden ondersteund door literatuur. Verder laat onderzoek zien dat de ITS geen culturele bias vertoont.

Ten behoeve van de externe validiteit is onderzoek gedaan met soortgententests ABIV, HZO en Carrièrewaarden. Alle vooraf gestelde hypotheses met betrekking tot convergente en divergente validiteit werden bevestigd.

Hoofdstuk 7. Criteriumvaliditeit
Er is onderzocht of het hebben van werk in een sector die aansluit bij interesse, zoals gemeten door de ITS voorspellend is voor tevredenheid en verloopintentie. Uit dit onderzoek bleek dat ‘sectormatch’ een significante voorspeller was voor zowel tevredenheid als verloopintentie, bovenop achtergrondvariabelen.